Journals

Second Journey (MS 107/1/1-2)

3rd December 1777


transcription

[3rd December 1777]
3

sware regen lugt s'morgens nog uit den z:o:, begon omtrent agt uren weder sterk te regenen, vertrok zuid en zuid oost en oost aan, tot op de plaats van enen prinslo, hebbende het bos gebergte ten noorden digt aan de voet.
de cours vandaag is gecoppelt o:z:o: geweest distantie drie uren.
[in margin:] zag een hottentots spel dat veel naar ons bikkelen geleek
passeerde de kleine visrivier een uur z oost van potgieter. daarna nog twe maal op een half uur distantie tussen beiden, ook een rivier die uit het bos komt en zuidelyk in dese visrivier loopt, in hottentots goer. dese plaats van princelo is een der fraaiste terreinen (situatien) die hier gesien heb, de bossen hebben zeer hoge boomen voornamentlyk geel en stink en assagaay hout, leggen alle aan de zuid zyde in de cloven en tegen dese bergen, zodat het moeyelyk is om se te transporteren. het terrein vandaag is alles nog gele en rosse klei, hier en daar met vele klippen dog geen vlak land maar zeer heuvelagtig vol gras en doornbomen, en rykelyk bewaterd.

[annotated on page 77:]
den 3
stond op de plaats van prinslo de barometer op 27d – 5½t
het weer bedaard zynde om ses uren s'agtermiddags

translation

[3rd December 1777]
3

A heavy rainy sky in the morning, still from the south east. It began to rain heavily again at about eight o'clock. Departed south and south-east and east and came to the farm of a certain Prinsloo, situated right at the foot of the Bosberg, which is to the north. Our corrected course today was east south-east, a distance of three hours. Saw a Hottentot game that looks very much like our knucklebones. Crossed the Little Fish River one hour south-east of Potgieter (after that it is still twice an half hour’s distance between the two); also a river which comes from the forest and runs southward into the Fish River, in Hottentot 'Goer'. This farm of Prinsloo's is one of the most beautiful terrains (situations) that I have seen here. The forests have very tall trees, principally yellow-, stink- and assegai-wood. They are all on the southern side, in the kloofs and up against these mountains so that it is difficult to transport them. The terrain today is still all yellow and reddish-brown clay, with many stones in places. It is by no means flat country but very hilly, full of grass and thorn-trees and abundantly watered.

[added on page 77:]
the third: At Prinsloo’s farm the barometer stood at 27 inches and 5½ tenths, the weather being calm at six o’clock in the afternoon.